zaterdag 13 februari 2021

Staande blijven in de uitdagingen van het leven

Herken je dat? Dat je in een situatie komt of ineens voor een uitdaging staat, waar je eerste gedachte is: 'Dit is onmogelijk!' of 'Dat ga ik nooit redden!' of 'Dat kan ik echt niet!' of 'Misschien moet ik er maar mee stoppen!' of 'Hiervoor ben ik echt niet geschikt!'

Hele menselijke, en misschien soms ook begrijpelijke, gedachten. Soms ook heel onterecht, omdat we wellicht veel te negatief of klein denken van onszelf. Tegelijk geldt: soms zijn dingen ook écht te groot voor onszelf. En in die situaties mogen we leren van het 'aanvalsplan' van Daniël. 

In Daniël 2 lezen we, dat koning Nebukadnezar een droom heeft. Een erg verontrustende droom waardoor hij niet meer kan slapen. Vervolgens eist hij, dat de magiërs, bezweerders, tovenaars en de Chaldeeën (verzamelnaam voor de meest wijze mensen van het land) zowel zijn droom als de uitleg aan hem vertellen. Helaas is er niemand die het kan.

Ze proberen nog om de koning tenminste zijn droom te laten vertellen, zodat ze daarna de uitleg kunnen geven. Maar Nebukadnezar heeft hen door: Ze zullen de uitleg zelf verzinnen. En dus gaat hij er niet in mee. En dus kunnen de geleerden maar tot 1 conclusie komen. De koning verwacht het onmogelijke!

"Er is geen mens op de aardbodem die de zaak van de koning te kennen zou kunnen geven. [...] Want de zaak waar de koning om vraagt, is te moeilijk. Er is niemand anders die het in de tegenwoordigheid van de koning te kennen kan geven dan de goden, die hun verblijf niet bij de schepselen hebben." (‭‭Daniël‬ ‭2:10-11‬)

Het gaat hen boven de pet. Alleen "de goden' kunnen wat de koning vraagt. Onbewust geven ze daarmee indirect ook aan, dat wat zij normaal gesproken allemaal doen, dus mensenwerk is! 

Omdat niemand in staat is te doen wat de koning eist, geeft de koning bevel dat alle wijzen van Babel omgebracht moesten worden. Alle magiërs, bezweerders, tovenaars, geleerden, wetenschappers, enzovoort. In feite wil de koning, ook in zijn geval onbewust, in één klap afrekenen met alle menselijke wijsheid in zijn rijk. Het enige, dat hij wil is een goddelijk inzicht. En de enige ware God gaat hem geven wat hij zoekt! 

Wanneer Arioch, de bevelhebber van de koning, zijn opdracht om alle menselijke geleerden om te brengen uitvoert, komt hij ook bij Daniël en zijn vrienden. En dan gaat Daniël met Arioch in gesprek. Hij vraagt wat er aan de hand is en vervolgens gaat Daniël naar de koning.

"Toen trad Daniël binnen en verzocht de koning of hij hem een bepaalde tijd wilde gunnen om aan de koning de uitleg te kennen te geven. Daarop vertrok Daniël naar zijn huis en liet hij de zaak aan zijn vrienden Hananja, Misaël en Azarja weten, opdat zij het aangezicht van de God van de hemel zouden zoeken om barmhartigheid te verkrijgen met betrekking tot deze verborgenheid, zodat men Daniël en zijn vrienden niet met de rest van de wijzen van Babel zou doen omkomen. Toen werd aan Daniël in een nachtvisioen de verborgenheid geopenbaard. Daarop loofde Daniël de God van de hemel." (‭Daniël‬ ‭2:16-19‬)

Als we dit gedeelte goed op ons in laten werken, dan valt op hoe zorgvuldig Daniël te werk gaat. We zien ook het contrast met de 'menselijke geleerden'. Daniël weet, dat hij het niet van zichzelf hoeft te verwachten. Hij weet dat hij zélf de koning ook niets te bieden heeft. Maar Daniël weet ook, dat hij een God heeft die de koning wél wat te bieden heeft! 

Wanneer we het ontrafelen, dan zien we dat Daniel niet meteen in actie komt, maar:

  • Hij laat zich eerst goed informeren.
  • Hij neemt de tijd om het in gebed te overdenken.
  • Hij vraagt anderen om mee te bidden.
  • Hij ontvangt een openbaring van God.
  • Hij dankt en prijst God.
  • En dan pas gaat hij handelen.

Vaak zijn we als mensen geneigd om direct in actie te komen. Er doet zich iets voor en we willen het zo snel mogelijk oplossen. We staan voor een vraag en we willen zo snel mogelijk een antwoord hebben. Direct aan de slag, direct ten aanval! Maar het 'aanvalsplan' van Daniël is veel zorgvuldiger. We zien hoe Daniël echt in afhankelijkheid van God leeft. (Lees ook eens hoofdstuk 1, waar je dat ook terug ziet.)

Wanneer Daniël een goed beeld van de situatie heeft, neemt hij de tijd. Het begint bij: God zoeken! Tijd met God doorbrengen. Góds wijsheid vragen en zoeken. Want Daniël beseft heel goed, dat hij het daarvan moet hebben. 

"Onze hulp is in de Naam van de HEERE, Die hemel en aarde gemaakt heeft." (Psalm 124:8)

En als we van daar uit gaan handelen, dan zijn het niet onze woorden en onze wijsheid die de mensen overtuigen, maar dan maken we de macht en de kracht van God zichtbaar.

Paulus schrijft: "En ik, broeders, toen ik bij u kwam, ben niet gekomen om u met voortreffelijkheid van woorden of van wijsheid het getuigenis van God te verkondigen, want ik had mij voorgenomen niets anders onder u te weten dan Jezus Christus, en Die gekruisigd. En ik was bij u in zwakheid, met vrees en veel beven. En mijn spreken en mijn prediking bestonden niet in overtuigende woorden van menselijke wijsheid, maar in het betonen van geest en kracht, opdat uw geloof niet zou bestaan in wijsheid van mensen, maar in kracht van God." (‭‭1 Korinthe‬ ‭2:1-5‬)

Ook Paulus beseft maar al te goed, dat hij het niet moet hebben van zijn eigen menselijke wijsheid. Ook hij weet, dat hij met eigen wijsheid mensen niet zal kunnen overtuigen. En zeker als het over geestelijke zaken gaat, dan kán dat ook helemaal niet, legt Paulus uit:

"Maar de natuurlijke mens neemt de dingen van de Geest van God niet aan, want ze zijn dwaasheid voor hem. Hij kan ze ook niet leren kennen, omdat ze geestelijk beoordeeld worden." (‭‭1 Korinthe‬ ‭2:14‬)

Vandaar dat Paulus ook zegt: "En wij spreken wijsheid onder de geestelijk volwassenen, maar een wijsheid niet van deze wereld, en ook niet van de leiders van deze wereld, die tenietgedaan worden. Wij spreken echter de wijsheid van God, als een geheimenis; een wijsheid die verborgen was en die God vóór alle eeuwen voorbestemd heeft tot onze heerlijkheid; een wijsheid die niemand van de leiders van deze wereld gekend heeft. Immers, als zij die gekend hadden, zouden zij de Heere der heerlijkheid niet gekruisigd hebben. Maar het is zoals geschreven staat: Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen, dat is wat God bereid heeft voor hen die Hem liefhebben." (‭‭1 Korinthe‬ ‭2:6-9‬)

Ook Daniël besefte dat maar al te goed. Met zijn eigen menselijke wijsheid zal hij de koning niet het "geestelijke geheimenis" uit kunnen leggen. 

Willen we het evangelie aan mensen uitleggen, dan zal ons dat niet lukken, wanneer we dat in eigen kracht proberen te doen met eigen wijsheid en in eigen woorden. En wanneer we een geestelijk "geheimenis" uit moeten leggen, vraagt dat bovendien van de ontvanger 'geestelijke oren'. Zoals ook koning Nebukadnezar en al de geleerden in zijn land eerst tot het besef moesten komen, dat menselijke wijsheid tekort schoot en goddelijke wijsheid nodig was.

En komen we wijsheid tekort? Laten we dan net als Daniel God zoeken! Willen we God begrijpen, willen we Zijn boodschap verstaan en Zijn plan leren kennen, dan zullen we Hém moeten zoeken en Hem er om moeten vragen!

"En als iemand van u in wijsheid tekortschiet, laat hij die dan vragen aan God, Die aan ieder overvloedig geeft en geen verwijten maakt, en ze zal hem gegeven worden." (‭‭Jakobus‬ ‭1:5)

‬"Vertrouw op de HEERE met heel je hart, en steun op je eigen inzicht niet." (‭Spreuken‬ ‭3:5‬) 

En vraag anderen om mee te bidden! Daarom is het zo belangrijk om andere wedergeboren Christenen om je heen te hebben. "Geestelijk volwassen" broers en zussen met 'geestelijke oren' en in staat om het 'geheimenis' te begrijpen. 

Het is mede ook een reden, waarom wij zelf, als we de straat op gaan om het evangelie te vertellen aan mensen, we dat altijd voorbereid doen. Eerst in gebed! Tijd met God doorbrengen. Zijn hulp vragen en verwachten. En ook evangeliseren we altijd in tweetallen. Dan kan de een spreken en de ander bidden om wijsheid, zodat Gods kracht zichtbaar wordt. En ook vragen we altijd mensen om voor ons te bidden als we op straat zijn. Want het is net als met een lichaam: lichaamsdelen kunnen niet alleen functioneren! Alleen binnen het lichaam! (Lees 1 Korinthe 12.)

Ook bij Jezus zien we het 'aanvalsplan' van Daniël terug. Zo mag Daniël dus ook een schaduwbeeld van Jezus zijn. Voordat Jezus gevangen genomen wordt gaat Hij in de hof van Gethsemane God zoeken. Tijd met Zijn Vader doorbrengen. En Hij vraagt anderen om mee te bidden. (Die overigens tijds het bidden in slaap vallen ...)

"Toen zei Hij tegen hen: Mijn ziel is zeer bedroefd, tot de dood toe; blijf hier en waak met Mij. En nadat Hij iets verder gegaan was, wierp Hij Zich met het gezicht ter aarde en bad: Mijn Vader, als het mogelijk is, laat deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan. Maar niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt." (Mattheüs 26:38-39)

En als Jezus alles doorgesproken heeft met Zijn Vader en Zijn openbaring ontvangen heeft, pas dan gaat Jezus handelen.

‘Toen kwam Hij bij Zijn discipelen en zei tegen hen: Slaap nu maar verder en rust; zie, het uur is nabij gekomen dat de Zoon des mensen overgeleverd wordt in de handen van zondaars. Sta op, laten wij gaan; zie, hij die Mij verraadt, is dichtbij.’ (Mattheüs‬ ‭26:45-46‬)

Kom je ineens in een situatie of voor een uitdaging te staan, waar je eerste gedachte is: 'Dit is onmogelijk!' of 'Dat ga ik nooit redden!' of 'Dat kan ik echt niet!' of 'Misschien moet ik er maar mee stoppen!' of 'Hiervoor ben ik echt niet geschikt!'? Of heb je een verlangen om het evangelie te delen met mensen om je heen, maar weet je niet hoe? Doe dan als Daniël:

  • Laat je eerst goed informeren.
  • Neem de tijd om het in gebed te overdenken en breng tijd met God door.
  • Vraag anderen om mee te bidden.
  • Wacht tot God je duidelijkheid geeft.
  • Dank en prijs God.
  • En ga dan pas handelen naar wat God je duidelijk heeft gemaakt.

Dan zul je de kracht van God ervaren in wat je doet en in wat je spreekt! En zul je net als David ervaren:

"Want met U ren ik door een legerbende,
met mijn God spring ik over een muur.
Gods weg is volmaakt,
de woorden van de HEERE zijn gelouterd,
Hij is een schild voor allen die tot Hem de toevlucht nemen.
Want wie is God, behalve de HEERE?
Wie is een rots dan alleen onze God?
God is mijn vesting en kracht;
Hij heeft mijn weg volkomen gebaand.
Hij maakt mijn voeten als die van hinden
en doet mij op mijn hoogten staan.
Hij oefent mijn handen voor de strijd
en leert mijn armen een bronzen boog spannen."
(2 Samuel 22:30)


Gods kracht wordt zichtbaar in mijn zwakheid!

"Maar Hij heeft tegen mij gezegd: Mijn genade is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Daarom zal ik veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij komt wonen. Daarom heb ik een behagen in zwakheden, in smadelijke behandelingen, in noden, in vervolgingen, in benauwdheden, om Christus' wil. Want wanneer ik zwak ben, dan ben ik machtig." (2 Korinthe 12:9-10)

Geen opmerkingen:

Een reactie posten